We gaan lunchen in een nieuw, hip Italiaans restaurant. In een voormalig winkelpand in de oude binnenstad van Maastricht. We zijn net op tijd. Het stroomt vol met een boel lokale Italianen – die na binnenkomst de deur niet achter zich sluiten, want in Italië hoeft dat ook niet – en ander hongerig volk.
De eigenaar is een jonge, bebaarde en stugge Italiaan, die nauwelijks Nederlands spreekt. Eten en drinken is hier de taal. Maar als we buongiorno, si of prego zeggen, glimlacht hij bereidwillig.
De meubels zijn uitgesproken kringloopdivers. En voor het toilet zonder fonteintje moet je door de wanordelijke, groezelige keuken lopen, waar de kinderen van het personeel op de grond spelen. Maar het eten is er overheerlijk. Grazie.
Dag: 15 augustus 2019